Kamerhuur is er in soorten en maten. Sommige huiseigenaren verhuren slechts één of enkele leegstaande kamers in hun eigen huis. Dit worden hospitakamers genoemd. Grotere verhuurders bieden de kamers van een huis aan zonder dat zij zelf in het huis wonen. Bij de verhuur van kamers maakt het verschil of de verhuurder de woning in eigendom heeft of zelf ook huurder is. In dit laatste geval is er sprake van onderhuur, waarvoor bijzondere regels gelden.
Bij hospitakamers krijgt de huurder te maken met een proeftijd. Binnen de eerste negen maanden van de huurperiode mag de verhuurder de overeenkomst zonder opgave van redenen opzeggen. De huurder is dan verplicht de kamer binnen drie maanden te verlaten. Na de proeftijd gelden voor een hospitakamer de gebruikelijke regels voor huurbeëindiging. In de praktijk is het voor hospita's relatief gemakkelijk om aannemelijk te maken dat zij de woning dringend zelf nodig hebben. Net als andere huiseigenaren moet de hospita hiervoor wel langs de kantonrechter.
Kamerhuurders en -verhuurders zijn verder aan dezelfde regels gebonden als andere partijen op de huurmarkt. De verhuurder mag de huur opzeggen als er een huurovereenkomst voor bepaalde tijd is aangegaan en de verhuurder de kamer na die tijd nodig heeft. Een huurovereenkomst voor onbepaalde tijd kan uitsluitend worden beëindigd als de bewoner zich als een slecht huurder gedraagt, als hij of zij niet ingaat op een redelijk aanbod voor een nieuwe huurovereenkomst of als de verhuurder de woning wil aanpassen aan het geldende bestemmingsplan.
De omschrijving van het gehuurde is bij kamers nog belangrijker dan bij andere huurwoningen. Er moet immers duidelijkheid bestaan over welke ruimtes de huurder mag gebruiken en welke vergoeding hier tegenover staat. In het huurcontract worden de verschillende onderdelen waaruit de huur bestaat uitgesplitst. Hierbij valt te denken aan de kale huur, servicekosten, de vergoeding voor het gebruik van meubels en accessoires en de manier waarop het verbruik van gas, water, elektriciteit en telecommunicatie wordt verrekend.
Meestal verwerkt de verhuurder een voorschot voor servicekosten, gas, water, elektriciteit en dergelijke in de maandelijkse huur. Minstens eenmaal per jaar stelt de verhuurder een verplicht overzicht op van de werkelijke kosten en worden deze verrekend. Op basis van het overzicht kan de verhuurder een nieuw voorschotbedrag vaststellen.
Een pand waarin kamers aan minimaal vier afzonderlijke huurders worden verhuurd moet voldoen aan speciale veiligheidseisen. Zo moeten gemeenschappelijke ruimtes zijn voorzien van een brandmelder. Ook moet op iedere verdieping en in de keuken een blusmiddel aanwezig zijn. Er moet een vluchtroute zijn die duidelijk staat aangegeven. De verantwoordelijkheid voor de veiligheidsmiddelen ligt bij de verhuurder. De huurders moeten er op hun beurt voor zorgen dat vluchtroutes en veiligheidsmiddelen toegankelijk blijven. De brandweer heeft het recht controles uit te laten voeren.
In de meeste huurovereenkomsten wordt het uitdrukkelijk verboden om de woning aan een ander door te verhuren. Als dit toch gebeurt, is er sprake van illegale onderhuur. Wanneer de oorspronkelijke verhuurder de illegale onderhuur op het spoor komt, mag hij streng optreden. De onderhuurder moet de woning verlaten. Ook de overeenkomst met de oorspronkelijke huurder mag opgezegd worden, omdat deze zich niet als een goed huurder heeft gedragen. Het is daarom verstandig om als onderhuurder het contract tussen de oorspronkelijke huurder en verhuurder na te lezen.
Als de oorspronkelijke verhuurder de illegale onderhuur niet ontdekt, ontstaat er een vreemde situatie. De onderhuurder kan aan het einde van de huurtermijn namelijk het recht op huurbescherming verwerven. Dit is het geval als er sprake is van een zelfstandige woning en de oorspronkelijke huurder en onderhuurder een geldig contract hebben afgesloten.
De onderhuurder mag zich via de rechter verzetten tegen het legaliseren van de onderhuur. Dit kan succesvol zijn als de onderhuurder niet aan zijn financiële verplichtingen kan voldoen. Ook als het onderhuurcontract duidelijk is bedoeld om de nieuwe huurder, buiten alle regels om, als hoofdhuurder in de woning te krijgen, mag de verhuurder het contract beëindigen. Tot slot zal de onderhuur niet worden gelegaliseerd als de onderhuurvoorwaarden zeer nadelig zijn voor de verhuurder.

